Kenmerken

Conditie
Gelezen
Onderwerp
Schilder- en Tekenkunst
Jaar (oorspr.)
1948

Beschrijving

Rik Wouters (1948)

Aangeboden het boek Rik Wouters. Dit boek is ondanks dat het is 'afgeschreven' uit de bibliotheek van het Centraal museum in de Agnietenstraat in Utrecht in perfectie conditie.
Het boek (uit de serie monographien over Belgische kunst)is uitgegeven in 1948 door de Sikkel in Antwerpen voor het ministerie van openbaar onderwijs.
Auteur is A.J.J. (Ary) Delen.

Hendrik Emil (Rik) Wouters (Mechelen, 21 augustus 1882 – Amsterdam, 11 juli 1916) was een Belgisch beeldhouwer, kunstschilder, tekenaar en etser. Hij wordt tot de stroming van het fauvisme gerekend.

Als spilfiguur van het Brabants fauvisme heeft Rik Wouters een briljant en kleurrijk oeuvre nagelaten, in scherp contrast met de drama’s die zijn bestaan teisterden tot aan zijn vroegtijdige dood. Rik Wouters was zowel het schilderen, beeldhouwen en tekenen meester: zijn bijzonder parcours verheft hem vandaag tot een onmiskenbare vertegenwoordiger van de Moderne Kunst in België.

De kunst van Rik Wouters is bovenal een overvloed aan kleur en authentieke, simpele, ontroerende onderwerpen. Doorheen zijn visuele taal, de opbouw van zijn onderwerpen en de heldere rijkdom van zijn palet, ontwikkelde hij een avant-gardistische stijl, hoewel ook de vergelijkingen met Ensor, Cézanne of ook Renoir nooit ver te zoeken waren. Rik Wouters kon op de waardering van zijn tijdgenoten rekenen; zijn overweldigend talent, dat echter snel door de Eerste Wereldoorlog en zijn ziekte het zwijgen werd opgelegd, laat ons een fascinerend en meesterlijk kunsterfgoed na.

Over de auteur Ary Delen

In het verhaal van het artistieke Antwerpen van het begin van de twintigste eeuw is er een cruciale rol voor schrijvers als Karel van den Oever, Lode Baekelmans, Willem Elsschot, Jan van Nijlen en Ary Delen, de een al meer gecanoniseerd en bestudeerd dan de ander. Maar wie kent Ary Delen? Hij was kunsthistoricus én literator.

Via Delen vonden nogal wat jongeren aansluiting bij de kunstzinnige bohème in de Scheldestad. Zo was ‘de Mus’ betrokken bij de ‘Bende van Krijn’, een bont en internationaal gezelschap van Vlamingen, Hollanders en Engelsen, gegroepeerd rond Leo Krijn. Men rookte er stenen pijpen, droeg fluwelen jasjes en grote flaphoeden. Tijdens woelige vergaderingen in schildersateliers of op zolderkamers van dichters, of in de zomer op Scheldeterrassen en in zeemanskroegen, werd met plezier het burgerlijk fatsoen op de korrel genomen.

Rond 1912 maakte Ary Delen kennis met de schilder en beeldhouwer Rik Wouters, met wie hij een ontroerende vriendschap onderhield. Op het moment dat ze elkaar ontmoetten, woonde Wouters in Bosvoorde, een nog bosrijke randgemeente van Brussel. Het huisje in de Bosvoordse Bezemhoek was uitgegroeid tot een ontmoetingsplek voor bevriende kunstenaars. Wouters' artistieke productie draaide in die jaren op volle toeren en de exposities waaraan hij deelnam, volgden elkaar in razend tempo op. Delen ontpopte zich vanaf 1912 als een van zijn vurigste pleitbezorgers.

Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog vluchtte Ary Delen met de dichter Jan Eelen en een zwager van de schilder Walter Vaes naar Den Haag. Ary Delen speelde een toonaangevende rol in de consacrering van de kunstenaar Rik Wouters. In mei 1914 had hij zich naar aanleiding van de tentoonstelling van Kunst van Heden eens te meer opvallend ten voordele van Wouters uitgesproken. Zijn werk werd door Delen in Onze Kunst op één lijn gezet met dat van Van Gogh, Smits en Ensor. Op sculpturaal vlak mochten Wouters' beelden gerekend worden tot het allerbeste wat de moderne beeldhouwkunst presteerde.

Lang kon de kunstenaar niet nagenieten van de bespreking. Kort na het verschijnen ervan, begin juni, ontving Wouters zijn oproepingsbevel om zich als reservist bij zijn compagnie in Luik te vervoegen. Al bij de verdediging van ‘de vurige stede’ geraakte Wouters bij toeval van zijn regiment gescheiden, en werd nadien met de ziekenwagen naar Lier overgebracht. Zijn vrouw Nel (Hélène Duerinckx) trof daar, samen met Delen, haar man in lamentabele toestand aan. De onfortuinlijke kunstenaar vroeg haar naar Nederland te vluchten. In Scheveningen vond zij, nog tijdens de belegering van Antwerpen, samen met de echtgenote van Delen een onderkomen bij de schilder Willem Paerels, die naar zijn vaderland was gereisd maar door het uitbreken van de oorlog werd verrast en genoodzaakt in Scheveningen te blijven.

Na de val van Antwerpen werd Rik Wouters met zijn legereenheid door de Duitsers ingesloten en trok men zich al vechtend op Nederlands grondgebied terug. Het betreden van Nederlandse bodem betekende echter voor talloze ontredderde Belgische soldaten de gevangenschap. Vanaf half oktober 1914 bevond Wouters zich in een kamp voor krijgsgevangenen in Zeist.

De hartelijke, levenslustige en imposante verschijning die vroeger op al zijn vrienden indruk had gemaakt, was nog slechts een schim van zichzelf.

De schilder-beeldhouwer onderging opeenvolgende heelkundige ingrepen, maar die konden niet verhinderen dat uiteindelijk de onverbiddelijke diagnose volgde: een kankergezwel aan de kaak. Hij schilderde nog intense doeken, waarbij hij het schrijnende van zijn gezondheidstoestand niet uit de weg ging.

Het was duidelijk dat zijn gezondheidsbulletin nog nauwelijks verbetering zou vertonen.

Rik Wouters overleed in de nacht van 11 juli 1916, drieëndertig jaar oud, in de kliniek Ziekenverpleging, aan de Prinsengracht in Amsterdam. Ary Delen had via dagbladen het nieuws vernomen. Zijn machteloosheid en ontreddering waren groot: ‘Oh! Jan, die gedachte die me niet loslaat: hem niet meer terugzien, zijn warme stevige handen niet meer voelen, zijn klare blauwe oogen niet meer zien lachen, zijn zilveren stem niet meer hooren!!’
...
...
...
...
...
...
...
...
...
...
...
...
Culemborg
41x bekeken
1x bewaard
Sinds 4 mei '26
Advertentienummer: m2395872608